Geschiedenis van Urk

Urk, voormalig eiland in de polder

Op 3 oktober 1939 werd de dijk van Urk naar Lemmer gesloten. Een historisch moment: Urk was niet langer een eiland. Urk is evenals Schokland een voormalig eiland dat sinds de inpoldering van de Zuiderzee deel is geworden van de nieuwe provincie Flevoland. Urk was ooit veel groter dan de 80 hectare van voor de inpoldering. Meer dan 1000 jaar geleden had het de grootte van het eiland Walcheren in Zeeland. Minstens vijf dorpen kende het toen. Op het eiland bevond zich een omvangrijke hoge heuvel van keileem, opgeschoven door het landijs van duizenden jaren geleden. De dorpen hadden elk een eigen naam, maar geen ervan heette Urk. Die naam was voorbehouden aan het eiland zelf en dat is tot op de dag van vandaag zo gebleven. Door stormvloeden en overstromingen schrompelde Urk ineen. De bewoners werden meer en meer teruggedreven in de richting van de hoge keileembult. Een begin van bebouwing van deze bult kwam in de vroege 17e eeuw. Ieder bouwde in het verleden naar eigen inzicht en smaak. Dat had wel enige charme, want zo ontstonden de nu schilderachtige hellende steegjes, de beschutte intieme pleintjes en de typische visserswoningen. Op het hoogste punt staat de vuurtoren. De stoere “wachter van de Zuiderzee”, destijds opgericht door het Amsterdamse stadsbestuur. Lange tijd is het eiland in bezit geweest van de stad Amsterdam. Niet vreemd dan ook dat de belangrijkste scheepvaartroute in vroegere tijd langs Pampus, Oostvaardersdiep en Urk richting Den Helder liep.
Urk nu gelegen in de provincie Flevoland, telt ca. 17.000 inwoners. De visserij wordt de bewoners al generaties lang met de paplepel ingegeven. Velen zijn er van afhankelijk. In het spoor van de visserij ontstonden aanverwante bedrijven, zoals de visafslag, fileerbedrijven, scheepswerven en visvervoerbedrijven. En uiteraard brengt de haven het nodige “leven in de brouwerij”. Urk mag zich het grootste visserijcentrum van West-Europa noemen. Naar alle delen van de wereld worden de Urker visprodukten geëxporteerd.Tong, schol, en paling voeren de boventoon in de aanvoer naar de haven van Urk. Direkt van de visafslag komt de vis in het restaurant. Het is dan ook goed vis eten op Urk. Verser kan het niet. De oude dorpskern wordt gekenmerkt door een karakteristieke bebouwing. Het stratenpatroon lijkt een wirwar zonder enige stedenbouwkundige grondslag. Het gevolg van het feit dat het oude dorp is gelegen op twee bulten. Het is nog steeds een schilderachtig vissersdorp. Smalle straatjes en karakteristieke vissershuisjes bepalen het gezicht van oud Urk.
De oude kern is verdeeld in wijken en officieel kent het geen straatnamen. Urk is trots op de oude kern en wil die dan ook graag behouden. Een goed voorbeeld van de omvangrijke dorpsrestauratie is te zien in de omgeving van de Vuurtoren, waar op de plaats van de voormalige Wilhelminaschool een zeventiental woningen is gebouwd in de stijl van de her en der in het dorp voorkomende visserswoningen.
Vele Zuiderzeedorpen staan ook bekend om hun klederdracht. Urk gelukkig ook. Fraaie klederdracht is te bewonderen in de oudheidskamers van museum “Het Oude Raadhuis”. Maar daar niet alleen. Ook in levende lijve draagt met name de oudere generatie de Urker dracht. Wel zeldzamer geworden, maar mooi blijft het.
Urk heeft naast de aantrekkelijkheid van een levendige visserplaats ook leuke bezienswaardigheden. Als toerist is men op Urk meer dan welkom. De Urker bevolking is gastvrij en behulpzaam. Gelet evenwel op de op Urk heersende waarden en normen wordt u verzocht als u Urk op zondag wilt bezoeken de plaatselijke zondagsviering te eerbiedigen.